(advertenties)
(advertenties)

In deze aflevering van onze educatieve kweekserie kijken we hoe je wietplantjes die binnen zijn voorgegroeid, kan voorbereiden op hun buitenverblijf. Ook kijken we hoe je ze beschermt tegen de elementen van Moeder Natuur, zoals harde wind en beestjes.

Het echte kweken begint over een kleine maand, zo halverwege mei. Dan zijn de IJsheiligen voorbij en kunnen wietplanten met 100 procent zekerheid naar buiten. Eerder kan ook, zeker als de lente vroeg in het jaar losbarst. Maar dan nog loop je een zeker risico op nachtvorst. Bekijk voor meer informatie ook deze handige buitenkweekkalender.

Tot we echt van start gaan, geven we je veel informatie zodat je jouw wietplantje moeiteloos groot kan brengen. We hebben tot nu toe uitgelegd hoe je een wietsoort kiest, wat wietzaadjes zijn en welke soort wietzaadjes je kan gebruiken, hoe je zo’n zaadje laat uitkomen (ontkiemen) en hoe je een jong plantje verpot. Vorige week hebben we uitgelegd hoe de groeifase verloopt en wat je deze periode kan verwachten.

Op dit moment hebben we alles gedeeld wat je op dit moment moet weten om aan de slag te gaan. Tijd om even op wat zaken vooruit te lopen. We gaan kijken hoe je jouw wietplantjes kan voorbereiden op en beschermen tegen de volle zon, harde wind, slakken en bladluizen.

Voorbereiden op het buitenleven

Deze jonge plantjes zullen binnenkort naar buiten moeten, de wijde wereld in. [Natalia Golubnycha]

Een bekend gezegde luidt: ‘zachte heelmeesters maken stinkende wonden’. Hiermee bedoelen we dat wietplantjes die je ontkiemt en binnen voorgroeit niet zoveel kunnen hebben. Er staat binnen geen wind en het zonlicht in de vensterbank (of onder een voorgroeilamp) is niet hetzelfde als de volle zon in jouw tuin.

Kortom, als je planten een paar weken binnen hebben gestaan voordat ze naar buiten gaan, zijn ze een beetje verwend. Als zachtgekookte eitjes. Eenmaal buiten bezwijken ze eenvoudig onder invloed van wind en intens zonlicht. Investeer daarom dan wat tijd in het hard maken, zodat ze zich tegen de elementen kunnen wapenen.

Ga als volgt te werken. Richt, tijdens de periode dat je planten binnen staan, een kleine ventilator op je plantjes. Een computerfan is al voldoende. Groter kan ook, maar zet die dan op gepaste afstand. Het gaat erom dat je een klein briesje simuleert zodat de plantjes een heel klein beetje bewegen. Dit versterkt de steel.

Gaan je plantjes eindelijk naar buiten? Zet ze dan niet direct in zonlicht. Zet ze bijvoorbeeld eerst onder en boom, vlak naast de stam. Verplaats ze de volgende dag zodat je planten 1 uur zon krijgen. De volgende dag doe je hetzelfde voor 2 uur zon. Bouw zo gevoelsmatig een beetje op zodat ze na een kleine week in de volle zon kunnen.

Kijk ook of je ze een beetje kan behoeden voor harde wind. Een lekker briesje is goed, want dat versterkt de stammetjes. Maar confronteer ze niet meteen met een stevige win.

Na een weekje onder toezicht buiten zijn de planten voldoende gewend aan hun nieuwe onderdak bij Moeder Natuur en kan je de teugels laten vieren.

Wietplanten beschermen tegen beestjes

De groeifase duurt best lang; zo ongeveer tot half augustus. Tijdens al die weken lopen wietplantjes soms gevaar. Slaken of bladluizen kunnen ze aangevreten. En als het hard waait, kunnen takken afbreken. Het is een goed idee om je wietplantje hiertegen te beschermen.

Vooral wanneer je plantjes nog klein zijn, zijn slakken een gevaar. Als ze teveel blaadjes opvreten, kan het jonge wietplantje dood gaan. Koop bij de bouwmarkt kopertape zoals op het plaatje hieronder.

Kopertape: vraag ernaar in de bouwmarkt of tuinzaak.

Plak dit rondom de pot van je planten om ze beschermen. Slakken kruipen liever niet over deze kopertape en kiezen dan een andere plant. Ook helpt het om de tuin eens goed op te ruimen. Slakken verstoppen zich namelijk graag in de schaduw onder rommel en blaadjes.

Rond juni en juli ontstaat een volgend gevaar. Als het lekker warm wordt, neemt het aantal bladluizen toe. Let op dat je wietplantje in deze periode niet in de buurt van een mierennest staat. Mieren dragen bladluizen namelijk graag je wietplantje in. Dat komt omdat ze van de zoetigheid snoepen die bladluizen uitscheiden. Zie je een mierennest? Haal je wietplantje dan weg of giet kokend water in het nest. Zie je groene of zwarte bladluizen in je wietplantje? Probeer ze er dan af te spoelen met koud water. Let vooral op met autoflower wietplantjes want die bloeien in deze periode.

Beschermen tegen de wind

Met bamboestokjes kan je de steel ondersteunen. [King Dragon]

Van regen heeft je wietplantje in de groeifase nog niet zoveel last. Een storm kan wel veel schade aanbrengen. Bescherm je wietplantje daarom door de takken te ondersteunen.

Wietplantjes in potten kun je het best beschermen door de takken aan bamboestokken te binden die je stevig in de aarde prikt. Grote wietplanten die in de grond van je tuin staan, bescherm je het best door er een net overheen te spannen én de takken met stokken te verstevigen. Tuingaas rond de pot is ook een hele goede manier om wietplantjes in potten tegen de wind te beschermen.

Succes met alle voorbereidingen. Lees alles nog eens na en ga gewoon lekker aan de slag. De serie gaat heel even op pauze omdat we alles wat je voor nu moet weten, hebben gedeeld. Tot snel.

[Openingsbeeld: Shutterstock/mikeledray]

(advertenties)

Reacties