(advertenties)
(advertentie)

Wie medicinale cannabis gebruikt, heeft daar soms verschillende wietsoorten voor nodig. Bijvoorbeeld om een goede verhouding aan THC en CBD te kweken, of vanwege verschillende effecten op verschillende momenten van de dag. Het is een uitdaging zijn om verschillende soorten in één kweektent te hebben. Maar het kán dus wel, en zo doe je het. 

Wanneer je voor eigen gebruik wiet kweekt, heb je doorgaans niet de beschikking over meerdere kweekruimtes om de verschillende wietsoorten samen bij elkaar te zetten. Door je tot één wietsoort per keer te beperken, maak je het jezelf dan ook een stuk makkelijker.

Wanneer je om medische redenen meer wietsoorten nodig hebt ontkom je er echter niet aan om meerdere wietsoorten samen in één kweektent te zetten.

Het voordeel van variatie

Er zijn goede argumenten om een gevarieerde binnentuin aan te leggen. Zeker wanneer je voor eigen gebruik kweekt, en aangewezen bent op je eigen oogst is het fijn om meerdere wietsoorten te hebben. Zo ben je niet van oogst tot oogst, aangewezen op één en hetzelfde wietsoortje. Medicinaal gebruikers kunnen met meerdere wietsoorten, verschillende cannabinoïden kweken zoals THC en CBD. Of een activerende wietsoort voor overdag en een wietsoort om beter te kunnen slapen voor ’s avonds.

Wietplanten kunnen qua kleur, smaak en effect verschillen, zolang de bloeitijd en hoogte maar overeen komen kun je ze samen kweken. Foto: Canna Obscura, Shutterstock

Het kweken van meerdere wietsoorten kan best een uitdaging zijn omdat verschillende strains, verschillende groei- en bloei-eigenschappen hebben. Niet alle wietsoorten bloeien immers even lang en variatie in plant-hoogte kan ook voor problemen zorgen. Als je het echter goed ‘plant’ hoeft variatie geen probleem te zijn, en kan het zelfs voor meer opbrengst (per jaar) zorgen wanneer je wat meer planten kweekt.

Een goede planning

Sommige wietsoorten zijn beter bij elkaar in één ruimte te zetten dan anderen. Wie een gevarieerde binnentuin wil kweken, moet van tevoren goed plannen en voor de juiste wietsoorten kiezen. De groei- en bloei-eigenschappen zijn daarbij van groot belang. Vooral de bloeitijd in weken en de hoogte, of neiging tot strekken zijn belangrijk.

Een indica (links) naast een sativa, geen makkelijke combinatie om in één kweekruimte te kweken.

Wanneer sommige planten bijvoorbeeld veel hoger worden dan anderen, zullen de lagere wietplanten minder licht krijgen wat de oogst niet ten goede komt. Als de bloeitijd veel verschilt, zul je een aparte droogruimte moeten hebben om de eerste oogst te drogen, terwijl je de langzamere planten door laat bloeien.

Sativa’s, indica’s en hybrides

Hoe groter het genetische verschil tussen wietsoorten, hoe groter doorgaans ook de verschillen in de kweekruimte zullen zijn. Het is daarom niet aan te raden om sativa’s en indica’s samen in één kweekruimte te kweken, maar sativa’s met andere sativa’s, en indica’s bij indica’s te zetten.

Nog beter is het om hybride wietsoorten te combineren. Hybrides zijn kruisingen tussen sativa’s en indica’s waardoor hybrides qua smaak en effect veel van elkaar kunnen verschillen, terwijl ze qua groei-eigenschappen toch goed te combineren zijn. Waar je vooral op moet letten is de bloeitijd en de plant hoogte, combineer alleen wietsoorten met een vergelijkbare bloeitijd en plant-hoogte.

Allemaal even ‘high’

Wanneer je een goede keus gemaakt hebt en wietsoorten van vergelijkbare hoogte en bloeitijd bij elkaar hebt gezocht, scheelt dit enorm. Maar aangezien het toch verschillende strains betreft, zullen ze nooit helemaal zo gelijk opgaan als een kweekruimte met slecht’s één wietsoort.

Ook dan zul je trouwens de nodige variatie zien, aangezien wietplanten uit zaden genetisch ook nooit 100% hetzelfde zijn. Wil je dat wel, dan zul je uit stekken moeten kweken van één en dezelfde moederplant. Stekken zijn genetisch gezien namelijk wel 100% hetzelfde en worden bij een gelijke behandeling dan ook even hoog en bloeien even lang.

Het is echter wel belangrijk dat de verschillende wietplanten die je tegelijk kweekt even hoog worden. Dit zorgt er namelijk voor dat alle planten evenveel licht kunnen opvangen en dus even goed kunnen groeien en bloeien. Wanneer enkele planten te veel boven de rest uitsteken, nemen zij licht weg van de andere planten en moet je de kweeklamp hoger hangen dan goed is voor de lagere wietplanten uit de kweekruimte.

Bepaal door te toppen het aantal hoofdtoppen, en beperk de hoogte van een wietplant. Foto: Dokter Groen.

Tips en trucs voor een egaal bladerdek

Wanneer wietplanten van nature niet even snel groeien, zul je ze met training en trucs aan de bovenkant toch min of meer gelijk moeten houden. Gelukkig zijn er meerdere uitstekende trainingstechnieken die je daarvoor ter beschikking staan. De beste en mooiste toppen groeien bovenaan wietplanten, dus het is zaak dat alle toppen even hoog zijn op het moment dat de bloeifase daadwerkelijk begint (zo’n twee weken na de start van het 12/12 lichtschema).

Toppen en fimmen zijn gemakkelijke en snel toe te passen kweektechnieken om een plant lager en breder te houden. Een wietplant met één hoofdtop zal immers hoger worden dan een wietplant die er vier of meer moet laten groeien. Door planten te toppen en te dieven kun je precies het aantal hoofdtoppen aan een plant kweken dat je wenst. Top bijvoorbeeld alle planten die meer strekken en top de lagere planten niet. Of kweek zes toppen aan een plant die erg de neiging heeft om te strekken en slechts vier aan planten die van nature lager blijven. Door te fimmen kun je één top met één handeling in vier toppen laten splitsen.

Verandering van spijs doet eten! Foto: Dogcan Susluoglu, Shutterstock

Supercroppen is verrekte handig wanneer je een paar uitschieters in je kweekruimte hebt die boven het bladerdek uitgroeien. Neem de tak een paar centimeter lager dan het bladerdek, en kneus die in een rollende beweging tussen je duim en wijsvinger voorzichtig een beetje beurs. Buig hem voorzichtig om in de richting van een open plek in het bladerdek. Simpel en effectief maar je moet het wel bijhouden want wietplanten herstellen snel van het supercroppen. Herhaal de behandeling bij takken die opnieuw boven het bladerdek uitsteken.

Zet lagere wietplanten op verhogingen zodra de de eerste bloeiverschijnselen ziet. Op dat moment zullen wietplanten niet veel meer groeien en begin je de bloeifase met een egaal bladerdek. Piepschuim platen met een dikte van ongeveer vijf centimeter uit de bouwmarkt zijn ideaal en goedkoop om als verhoging te gebruiken. Je snijd ze gemakkelijk op maat en kunt ze stapelen om precies de juiste hoogte te krijgen. Gebruik wel voor iedere plant een eigen schotel wanneer je ze op een verhoging zet, anders druipt overtollig water naar de bodem van je kweektent en trekt het in de laagste potten.

[Openingsfoto: Canna Obscura, Shutterstock]